22 Okt '09

anyone lived in a pretty how town
(with up so floating many bells down)
spring summer autumn winter
he sang his didn't he danced his did
women and men(both little and small)
cared for anyone not at all
they sowed their isn't they reaped their same
sun moon stars rain
children guessed(but only a few
and down they forgot as up they grew
autumn winter spring summer)
that noone loved him more by more
when by now and tree by leaf
she laughed his joy she cried his grief
bird by snow and stir by still
anyone's any was all to her
someones married their everyones
laughed their cryings and did their dance
(sleep wake hope and then)they
said their nevers they slept their dream
stars rain sun moon
(and only the snow can begin to explain
how children are apt to forget to remember
with up so floating many bells down)
one day anyone died i guess
(and noone stooped to kiss his face)
busy folk buried them side by side
little by little and was by was
all by all and deep by deep
and more by more they dream their sleep
noone and anyone earth by april
wish by spirit and if by yes.
women and men(both dong and ding)
summer autumn winter spring
reaped their sowing and went their came
sun moon stars rain
e.e. cummings
albert camus (1913-1960)

1946
Lourmarin. First evening, after so many years. The first star above the Lubéron, the vast silence, the cypress with its tip shivering in the depths of my fatigue. Solemn and austere landscape-despite its bewildering beauty.
1958
The violent light, infinite space, moves me. I would like to live here again, find a house that suits me, finally settle down a bit.
A month after looking around the Vaucluse for a house, purchased the one in Lourmarin.
Incessant light. In the empty house, without any furniture, up for long hours gazing at the dead leaves and red woodbine, blown by the fierce wind, entering into the rooms. The Mistral.
1959
Arrival Lourmarin. Grey sky. In the garden, marvelous roses weighed down by water, luscious like fruits. The rosemary is in bloom. Stroll, and in the evening, the irises' violet shade deepens.
Yes, like today, full of a love without object. I love the small lizards, as dry as the stones where they run. They are like me, of skin and bone.
What pleases me is that I have finally found the cemetery where I will be buried. I will be fine there.
Albert Camus, Notebooks V (1946) en IX (1958 + 1959)
oh ja
ik ben vanavond een nieuw blog gestart. geen vervangend blog, maar een aanvulling. geen vlees. geen actie-site, maar een plek waar ik recepten wil bewaren. en ik eet zo'n beetje van alles behalve vlees, vandaar.
er staat inmiddels één recept: oranje friet. dat is een bijgerecht van zoete bataat, als dikke friet gesneden en met olijfolie, knoflook en tijm in de oven geroosterd. ik kan het je aanraden.
verwacht onregelmatige, maar zalige updates!
de koperen tuin

ljouwert's prachtige prinsentuin. een tuin die -terecht- vereeuwigd is in vestdijk's roman de koperen tuin.
wurden fan ferset
eigenlijk had ik eens een mooie foto van de prinsentuin willen laten zien (het vondelpark van ljouwert -maar niet heus). klein park, jachthaventje ook, met heuvels. prachtig. ik ben, ter gelegenheid van mijn verhuizing, vestdijk's koperen tuin aan het herlezen en die koperen tuin, dat is de prinsentuin. van de week heb ik foto's gemaakt maar geen mooi genoeg om je te laten zien. nog even geduld, even wachten op iets meer herfst, iets meer koper.
hierbij de voormalige kanselarij uit 1566, nu verzetsmuseum (onderdeel van het fries museum). op straat, onderaan de foto, ligt een gedicht zoals op zoveel stoepen in ljouwert.
Gedichten swinge hjir de stêd troch
ta eare fan it frije wurd, teken
fan romte foar minskerjocht.
Tirannen klappe wurden om ta leugens,
bringe frije boadskippers om,
lyk as
dy jonge reporter op East-Timor
en yn Huzum oan de Skrâns
de drukkers fan ferset,
de heit en soannen Van der Weij.
Hâld in skalk each op wurden
sagau't de frijheid op de sigen stiet.
Tiny Mulder
beckett
de grote kleine beckett, zwerverman, wandelde 11 september ons leven in. hij stond te wankelen op de schutting die eerste morgen, we waren net ontwaakt.
het was een mooie dag dus we deden de tuindeur open. beckett klom *hopla* via de rozenstruik, alle doornen dapper weerstaand, naar beneden en wandelde naar binnen, ons leven in. hij liet zich even aaien en visiteerde vervolgens de kattenbak. dit alles tot ontsteltenis van sophia.
bijna vier weken is hij gebleven, de grote kleine beckett. een kat als een geheime liefde. sophia boven, beckett beneden. sophia beneden, beckett boven. alle deuren dicht. nu en dan de grote wisseltruuk. het theater van de lach.
maar met een traan, want zelfs met het gewissel en de dichte deuren werd er gegromd en geslagen en gemiauwd. het ging echt niet tussen die twee. sophia boekarest en samuel beckett. they didn't like each other very well; exactly why they couldn't tell but they did not like each other very well. beckett had to go.
sinds zaterdagnacht en de komst van sophia's beschuit met poessies, sindsdien ging het helemaal niet meer. met een heel nest kun je niet steeds de grote wisseltruuk doen. we wilden hem niet kwijt but he just had to go. vanmiddag is hij afgereisd.
het gaat je nu vast goed -anders hadden we je ook niet laten gaan, als we niet heel zeker wisten dat je goed terecht zou komen- maar we missen je.
grote kleine beckett, word een gelukkig victor!
the heart is a lonely hunter
'utrecht' aan de tweebaksmarkt, leeuwarden.
(de gebouwen links en rechts heb ik gesloopt, geprezen zij photoshop)
iwasterdam / whatileftbehind
gisteren ben ik verhuisd, naar ljouwert. daar ben ik blij om, maar vooral mijn uitzicht zal ik missen. de drie foto's daarvan die je hier ziet kun je groot bekijken op:
flickr.com/photos/moniiq/652272002
flickr.com/photos/moniiq/224017746
flickr.com/photos/moniiq/427429222
de kleuren van ljouwert

amsterdam vecht. de rozengracht vertelde me van de week dat heel leeuwarden niet één zo'n straat kent. hoge bruine gebouwen met winkels, wat bomen en mensen, auto's en een tram. dat is het wel zo'n beetje. toch heb ik me zelden zo kosmopolitisch gevoeld als van de week op de rozengracht. leeuwarden heeft niets van stad.
leeuwarden is kleur en uitzicht en straten bezaaid met poëzie. ik zal er lopen van dicht naar dicht, van kleur naar water, van tijd naar zicht. ik zal wennen aan het blauwe licht onder bruggen over smalle grachten. niet meer schrikken van de onbekende groet. langzamer zal ik lopen. wie weet in winkels praatjes maken.
rozengracht. als ik eens heimwee heb en hier weer ben, dan zal ik schrikken van de tram. dan bots ik tegen alle mensen op, als ik de kleuren en dichten van ljouwert ben.
ontheroad (thegreengreengrassofhome)

tricky questions on the road lately. for indeed where am i? i'm here, walking the streets of amsterdam. i notice the pavement, the dots and the words. i also notice the bits of grass in between the tiles. and they take me away from the road underneath my feet.
i'm gonna leave amsterdam this summer. i found a job in leeuwarden -or ljouwert- in fryslân. and i'm really happy and excited about that. i also know i'm gonna miss living in amsterdam.
no matter how much i like being in fryslân, how wonderful it feels to move in with my love and how interesting my job is going to be. the amsterdam streets are crumbling away beneath my feet. i look forward to leaving amsterdam, actually i look forward to missing it. but while i'm still here it feels kinda awkward.
the question strikes a chord. where am i? then i notice the tufts of grass and they make me smile. i'm ok.
sophia boekarest [3] hoe het de muis verging
de vijfde dag dat sophia bij me woonde moest ik na mijn werk snel wat opruimen, er kwam iemand eten. ze kan zich zelfs met haar eigen schaduw vermaken en voor als dat saai wordt liggen er dingen her en der op de grond. papierpropjes, een lichtgroen muisje en een felgekleurd balletje dat niet echt een balletje is maar een soort rollend achthoekje. dus ik keek even of muisje en achthoekje in de buurt lagen, rolde die wat rond en toen sophia vrolijk aan het springen was kon ik de tafel leegmaken en zo.
na een tijdje ronddartelen met veel bokkensprongen (ze heeft dan wel iets van een veulen dat zijn best doet angstaanjagend te zijn, van die hoge benen ook) zat ze plots heel stilletjes in de gang. ik keek wat er was, maar ze zat gewoon naar haar muisje te staren. het verbaasde me wel dat het muisje binnen enkele dagen al zo vies was geworden, niks lichtgroen meer, het was al behoorlijk grauw.
het duurde een paar seconden voordat die observatie mijn alarmbellen deed rinkelen.
en ja. sophietje zat trillend te staren, klaar om uit te halen, naar een heel echt muisje dat op zijn of haar zij lag. nergens een wond of bloed te zien, het lag er redelijk voor dood bij maar was het niet. in shock. waarschijnlijk had ik de muis met het dichtpurren van de gaten binnengesloten, in plaats van buiten.
mijn instinctieve reactie was toch sophia weghalen, vooral om een bloedbad te voorkomen. ze liet zich ook weghalen en raakte achter mijn rug snel weer afgeleid door iets anders, de lichtgroene muisvariant misschien wel. maar toen zat ik met die grijze, die nog steeds doodsbang met het kopje opzij lag, in onderdanige houding. opeens leek het zo'n lieffie. ik stond er een beetje trillerig naar te kijken, door de schrik en de angst dat-ie plots heel hard zou gaan rennen, in alle doodsangst misschien wel mijn kant op. wat te doen?
ik besloot tot de spinnen-aanpak en pakte een grote glazen vaas en een paar a4-tjes. eerst schoof ik de a4-tjes langzaam richting muis, om te zien wat-ie zou doen. hij deed niks. zelfs toen ik het papier helemaal onder hem had geschoven lag hij daar angstig trillend maar verder stilletjes op zijn zij naar mij te kijken. de vaas had ik helemaal niet nodig, ik kon hem zo optillen.
ik droeg het muisje voorzichtig richting balkon. mijn plan was hem naar beneden te gooien, dan kon-ie wellicht in de tuinen beneden wegwandelen naar een nieuw leven. dat leek me het beste idee. op het balkon waaide het alleen zo hard dat de muis van het papiertje afwoei voordat ik kon gooien. ik schoot ijlings naar binnen en sloot de deur.
toen het de volgende ochtend licht was keek ik naar buiten. ik had geen idee wat te doen met een muis op het balkon, behalve hopen dat de buurman zijn deur snel eens open zou doen zodat de muis bij hem kon intrekken. maar wat ik zag was een verregend dood muisje. sophia's eerste en tot nog toe laatste slachtoffer. het arme ding.
sophia boekarest [2] hoe het zo gekomen is
ik had wel eens eerder een muis gezien bij iemand thuis. dan werd ik een beetje schrikachtig als het beestje mijn kant op leek te schieten maar verder lag ik er niet wakker van. tot ik ergens in november thuis een muisje vermoedde. mijn brood leek aangevreten. ik begreep er niks van. vier-en-half hoog in een nieuwbouwhuis, hoe komt zo'n beestje binnen? ook mijn lief geloofde het eerst niet. maar enkele dagen later waren we in bed wat aan het lezen en toen rende het bewijs langs.
die nacht sliep ik -niet helemaal alleen met de muis immers- nog goed. de dagen erna ruimde ik alle donkere hoekjes op. in een nis in de keuken zag ik een behoorlijk gat waar een leiding de muur in ging en enkele kleinere gaatjes naar achter het aanrecht. ik plaatste muizenvallen en spoot in de gaten een hele bus purr leeg. maar in de nachten dat ik alleen was sliep ik niet en vanaf een uur of 2 begonnen de muisgeluiden.
ik had nooit verwacht dat ik zo'n watje was wat muizen betreft. mijn japanse futon lag veel te dicht op de grond en de gedachte aan een muis die over me heen kon rennen maakte me welhaast psychotisch. zelfs op mijn werk zagen mijn oververmoeide ooghoeken af en toe een muis voorbij schieten. ik belde mijn lief dat ik een bed op pootjes wilde en met een busje reed hij het halve land door om met mij naar ikea te gaan en een hoog bed aan te schaffen.
toen sliep ik ietsje beter, al dacht ik weer met weemoed terug aan schatje-de-poes. die had wel korte metten weten te maken met een muisje. maar schatje was anderhalf jaar geleden -toch nog- overleden. de gedachte aan weer een poes in huis liet me niet meer los. ik keek wat rond op marktplaats, al had ik eigenlijk willen wachten tot ik naar friesland verhuisd ben. al dat gereis met zo'n kleintje. maar toen ik een foto zag van (de toen nog naamloze) sophia boekarest was de zaak beklonken en sinds 1 december woont ze hier.
het reizen gaat fantastisch. ze is een ontzettend grappige wildebras. ze kan heel lang op haar achterpoten staan en als dat op een stoel is leunt ze met haar voorpoten over de leuning alsof ze aan een bar hangt. als ze soms gewoon zit zoals een kat betaamt is ze onnavolgbaar elegant met vrijwel altijd het ene pootje kruislings voor het andere geplaatst. ze danst met haar schaduw en mept naar haar spiegelbeeld. ze geeft mijn lief high fives. ze bewerkt mijn haar elke nacht tot een kapsel dat een jaren 80-rocker niet zou misstaan. maar ik slaap weer rustig en muisloos door de nacht.
smoesjes
de computer was kapot. sinds 1 december woont sophia boekarest bij me. ik zit teveel in de trein. bloggen is zo 2004. ik zoek een baan in friesland. ik heb een lief. soms lees ik een boek. ik ben begonnen met rennen. de zaterdagkrant is te dik. er staat nog afwas en ik ben al een uur kwijt. ik heb al een half jaar niet geblogd, ik kan niet met een flutstukkie terugkomen. dan moet ik volgende week weer wat verzinnen zeker. geen hond die 't leest. waar moet ik het in vredesnaam over hebben. fotograferen is veel leuker. sophia wil zelf even bloggen. dan zit ik weer naar die statistieken te kijken.
smoesjes. de nieuwe mac schreeuwt er om gebruikt te worden, ik heb een vrije dag en er is best iets om over te bloggen. bloggen kan desnoods over een poes.








